U bevindt zich op: Home
› Nieuws
› Suriname en Nederland organiseren een cursus mededingingsrecht
Suriname en Nederland organiseren een cursus mededingingsrecht
Nieuwsbericht |
2 oktober 2009
Van 5 t/m 7 oktober 2009 organiseren het Surinaamse ministerie van Handel en Industrie en de Nederlandse ambassade een ‘introductiecursus mededingingsrecht– en beleid’.
Van 5 tot en met 7 oktober 2009 organiseren het Surinaamse
ministerie van Handel en Industrie en de Nederlandse ambassade een
‘introductiecursus mededingingsrecht– en beleid’ die verzorgd zal
worden door de Nederlandse Mededingingsautoriteit. Minister Marica
van Handel en Industrie zal de cursus openen op 5 oktober a.s., de
Nederlandse ambassadeur A. Jacobi zal een toespraak houden ter gelegenheid
hiervan
Aan de cursus zullen personen deelnemen die bij de uitvoering
van Surinaamse mededingingsregelgeving betrokken zullen zijn.
Hierbij moet gedacht worden aan ambtenaren van het ministerie van
Handel en Industrie, de rechterlijke macht (het Openbaar
Ministerie ) en vertegenwoordigers van de Anton de Kom Universiteit
van Suriname. Suriname wordt geacht in het kader van de CARICOM
Single Market Economy (CSME) mededingingsregelgeving te formuleren
en een Surinaams Mededinging Instituut (SMI) in het leven te roepen
die op de naleving hiervan moet toezien. Mededingingsexperts
uit Nederland zullen tijdens de workshop stil staan bij onder
andere de rol van een mededingingsinstituut bij oneerlijke
concurrentie en kartelvorming, mededinging vanuit internationaal en
nationaal perspectief en de toepassing van mededingingsrecht in
nationale wetgeving
De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) is een instelling
die toezicht houdt op het concurrentieproces, daar waar de
Nederlandse overheid marktwerking wenselijk acht. Zo ziet de NMa
erop toe dat ondernemers geen onderlinge afspraken maken die de
concurrentie beperken. Ondernemers mogen bijvoorbeeld geen
onderlinge afspraken maken over prijzen. Daarnaast controleert de
NMa fusies tussen bedrijven. Het samengaan van twee bedrijven tot
één mag niet leiden tot een onwenselijke machtspositie van dat
bedrijf.