U bevindt zich op: Home › Producten en Diensten › Burgerzaken › Nederlandse Nationaliteit › Een andere nationaliteit verkrijgen
Als u vóór 1 april 2003 vrijwillig een andere nationaliteit heeft verkregen, dan heeft u het Nederlanderschap automatisch verloren. Als u op of na 1 april 2003 vrijwillig een andere nationaliteit verkrijgt, geldt onder de gewijzigde Rijkswet nog steeds dat het Nederlanderschap automatisch verloren gaat.
Sinds 1 april 2003 gelden echter de volgende uitzonderingen:
Let op: hierop komen uitzonderingen voor. Zo geldt deze uitzonderingsregel in verband met een nationaliteitsverdrag ter voorkoming van dubbele nationaliteit (*) niet voor Nederlanders die de nationaliteit van België (**), Denemarken, Luxemburg (***), Noorwegen en Oostenrijk verkrijgen. Informeer altijd vooraf bij de Nederlandse ambassade of het consulaat of u uw Nederlanderschap wel of niet verliest.
(*) Nederland is sinds 10 juni 1985 aangesloten bij dit verdrag ter voorkoming van dubbele nationaliteit.
(**) België is op 28 april 2008 uit het verdrag getreden.
(***) Luxemburg treedt op 10 juli 2009 uit het verdrag.
Als u weer een Nederlands paspoort aanvraagt bij de Nederlandse ambassade of het consulaat, moet u op het paspoortaanvraagformulier invullen dat u naast het Nederlanderschap nog een andere nationaliteit bezit. U moet aantonen wanneer u deze nationaliteit heeft verkregen door uw naturalisatiecertificaat te overleggen. Als u voor 1 april 2003 vrijwillig een andere nationaliteit heeft verkregen, heeft u het Nederlanderschap automatisch verloren. Misschien zijn er dan mogelijkheden om het Nederlanderschap terug te krijgen. Kijk onder de vraag over het terugkrijgen van het Nederlanderschap.
Als u op of na 1 april 2003 een andere nationaliteit heeft
verkregen, moet u door middel van officiële en zonodig
gelegaliseerde documenten aantonen dat u onder één van de
uitzonderingen genoemd onder 1.,
2. of 3. valt. Valt u onder
uitzondering 3. (u bent gehuwd met iemand van de
door u verkregen nationaliteit) dan kunt u hierbij bijvoorbeeld
denken aan uw naturalisatiecertificaat, uw huwelijksakte en een
bewijs dat uw echtgeno(o)t(e) de door u verkregen nationaliteit
bezit.